08-12-14 | Per 1 januari 2015 zullen er grote fiscale wijzigingen plaatsvinden, die gevolgen hebben voor alle gescheiden ouders.  Op dit moment bestaan er 11 fiscale regelingen voor (alleenstaande) ouders die zorg en werk combineren. Vanaf 2015 zijn er echter nog maar 4 regelingen die ouders financieel ondersteunen. Meer informatie vindt u in ons artikel ‘Veranderingen kindregelingen 2015’ .

Op 18 november jl., heeft de Expertgroep Alimentatienormen, vooruitlopend op de publicatie van het Rapport Alimentatienormen 2015, informatie gegeven over de wijze waarop de nieuwe alleenstaande-ouderkop samen met  het kindgebonden budget zal worden verwerkt in de berekening van kinderalimentatie.

” Met ingang van 1 januari 2015 komen alleenstaande ouders die in aanmerking komen voor een kindgebonden budget ook in aanmerking voor een verhoging van dit kindgebonden budget met maximaal € 3.050,00 (voor 2015). Deze verhoging wordt de alleenstaande ouderkop genoemd. De expertgroep beveelt aan om dit totale kindgebonden budget in mindering te doen strekken op het gevonden tabelbedrag. Dit kan er in een aantal gevallen toe leiden dat er geen behoefte meer resteert waarin de ouders moeten voorzien. In een dergelijk geval is er dus geen aanleiding voor het opleggen van een onderhoudsbijdrage ten laste van de andere, niet-verzorgende ouder.”

Met het gevonden tabelbedrag wordt bedoeld het bedrag dat volgt uit de Nibudtabellen, waarbij de gezinssamenstelling gekoppeld wordt aan de leeftijd van de kinderen en het gezinsinkomen voor de scheiding. Daaruit volgt dan wat gemiddeld de kosten van de kinderen zijn na aftrek van de ontvangen kinderbijslag.

Daarnaast concludeert de Expertgroep dat het wijzigen van fiscale wetgeving een wijziging van regelgeving is die van invloed kan zijn op de wettelijke maatstaven en dus aanleiding kan geven tot herbeoordeling van eerder overeengekomen of vastgestelde bijdragen. Kortom deze wijzigingen maken mogelijk dat je een wijziging van de bestaande alimentatieregeling kunt verzoeken.

Dat blijft een vrije keuze, waarbij ouders kunnen afwegen wat de nieuwe regeling op basis van de nieuwe fiscale regels en richtlijn zou zijn) en wat zou het betekenen voor de feitelijke financiële ruimte van beide partijen (wat is de financiële winst) en voor de verstandhouding (Wat zijn mogelijk de emotionele “kosten”?).

Berekening kinderalimentatie
Op dit moment dient voor de vaststelling van de hoogte van kinderalimentatie eerst de behoefte van het kind te worden vastgesteld. De Nibud tabel ‘Kosten van kinderen voor de vaststelling van kinderalimentatie’ vormt een richtlijn voor de bepaling van de behoefte. Op de behoefte wordt het kindgebonden budget in mindering gebracht, waarna het eigen aandeel van de ouders in de kosten van het kind resteert. Vervolgens wordt berekend wat de draagkracht van de ouders is om in die kosten van het kind te voorzien. De bijdrage van de ouders in de kosten van het kind wordt vervolgens naar rato van ieders draagkracht vastgesteld.

Gevolgen van de wijziging
Het kinderalimentatiestelsel zal door de wijzigingen ingewikkelder worden en het is de vraag of de Expertgroep zich de consequenties wel heeft gerealiseerd.

Het kindgebonden budget zal een nog grotere invloed op de hoogte van de kinderalimentatie hebben, dan thans het geval is. Bij iedere wijziging van het kindgebonden budget zal de kinderalimentatie kunnen worden aangepast. Daarnaast zal de alleenstaande ouder die hoofdverzorger is er aanzienlijk op achteruit gaan, want vanaf 1 januari 2015 zal naast het kindgebonden budget ook de alleenstaande ouderkop in mindering gebracht worden op de behoefte van het kind, wat een verlaging van de kinderalimentatie tot gevolg heeft. Als de hoofdverzorger een laag inkomen heeft (en dus een hoog kindgebonden budget) zal de andere ouder, die niet de hoofdzorg voor het kind heeft, in een aantal gevallen weinig tot zelfs niets hoeven bij te dragen aan het levensonderhoud van het kind. Dit alles zal de relatie tussen ex-partners in de meeste gevallen niet ten goede komen. Je kunt je ook afvragen wat het signaal is dat daarmee aan het kind wordt afgegeven, immers één ouder wordt dan zowel feitelijk als financieel de hoofdverzorger.

Daarnaast is het zo dat de uitgaven die een ouder voor het levensonderhoud van een kind voldoet, onder de huidige wetgeving aftrekbaar zijn. Dit fiscale voordeel zal echter ook per 1 januari 2015 komen te vervallen en hierdoor zal de draagkracht van de alimentatieplichtige ouder afnemen.

Door de invoering van de alleenstaande ouderkop en het vervallen van het fiscale voordeel van de alimentatieplichtige zal de hoogte van de te betalen kinderalimentatie in de meeste gevallen lager uitvallen. De ouder die hoofdverzorger is zal daardoor een lager bedrag, dan wel geen bedrag, aan kinderalimentatie ontvangen. Echter moet wel aangestipt worden dat een lagere kinderalimentatie er overigens wel toe kan leiden dat er meer ruimte beschikbaar komt voor partneralimentatie als dat aan de orde is.

De Expertgroep Alimentatienormen heeft aangegeven dat een wijziging van de hoogte van de vastgestelde kinderalimentatie kan worden verzocht na 1 januari 2015.

Al met al een wijziging met veel gevolgen voor gescheiden ouders, waarbij door de betrokken organen/instanties naar onze mening te weinig rekening is gehouden met de consequenties voor de hoofdverzorger, de financiële ruimte die er voor de kinderen zal zijn en de onderlinge verstandhouding van de ouders, die mogelijk weer onder druk komt te staan.