Ouders moeten voorzichtig zijn met de foto’s van hun kinderen. Zodra deze op internet staan kunnen ze hier eeuwig rondzwerven en kunnen ze voor verschillende doeleinden gebruikt worden. Een kind heeft net zo veel recht op privacy als een volwassene, maar kan vaak nog geen (weloverwogen) toestemming geven voor het op internet plaatsen van een foto. Ouders zijn verantwoordelijk voor de privacy van hun kinderen. Er kan echter, met name bij een scheiding, onenigheid zijn tussen ouders over het wel of niet plaatsen van foto’s van het kind op social media. De rechter kan in het belang van het kind een verbod opleggen foto’s en filmpjes van de minderjarige te plaatsen op social media.

 

Onlangs heeft bijvoorbeeld de rechtbank Gelderland besloten een dergelijk verbod aan een ouder op te leggen. De situatie was als volgt:

Moeder wil dat de vader foto’s en/of filmpjes van hun eenjarige dochter van zijn Facebookaccount verwijdert, omdat de foto’s naar haar mening eigendom zouden worden van Facebook. Daardoor zou de kans bestaan dat de foto’s aan derden worden verkocht. Vader is van mening dat het plaatsen van foto’s van hun dochter, haar niet meteen zal schaden en daarnaast wil hij graag met zijn omgeving delen wanneer zijn dochter bij hem is, zeker nu hij haar niet zo vaak ziet als hij zou willen.

 

De rechtbank stelt dat de vraag of foto’s en filmpjes van een minderjarige via social media door ouders op internet kunnen worden geplaatst, bij uitstek een kwestie is waarover ouders samen dienen te beslissen. Zeker als zij het gezamenlijk gezag hebben. Worden de ouders het niet eens, dan is er sprake van een gezagsgeschil. Volgens de wet is het (enige) toetsingskader dat de rechtbank dan hanteert, het belang van de minderjarige.

 

De rechtbank ziet het belang van de moeder, eruit bestaande dat zij bang is dat foto’s van haar dochter zonder toestemming van de ouders kunnen worden verspreid en in handen kunnen komen van derden. Dat is bij plaatsing op Facebook inderdaad niet uit te sluiten en het voorkomen daarvan is tot op zekere hoogte ook in het belang van (de privacy van) de dochter. De rechtbank ziet echter zeker ook het belang van de vader om aan anderen te kunnen laten zien dat hij een trotse vader is en dat zij bij hem is, ook door middel van foto’s. Het belang van vader kan echter ook op andere manieren worden gediend, bijvoorbeeld door het plannen van bezoekjes, Skype/FaceTime of zelfs het traditionele fotoboek.

 

Doorslaggevend is echter dat de rechtbank voor de dochter zelf, die net één jaar is geworden, op dit moment geen enkel (positief) belang kan bedenken bij het feit dat er foto’s van haar (gezicht) op Facebook worden geplaatst. Kinderen van die leeftijd zijn (gelukkig) natuurlijk met andere dingen bezig en hebben geen weet van (de (privacy)aspecten van) social media. Om die reden bepaalt de rechtbank dat vader de foto op Facebook binnen een week na de datum van de beschikking moet verwijderen en dat hij geen foto’s en/of filmpjes van haar via social media op internet mag plaatsen zonder toestemming van de moeder.

 

Aangezien de maatschappelijke opvattingen en regelgeving over privacy en het gebruik van en het delen op social media volop in ontwikkeling zijn, acht de rechtbank het niet in het belang van de dochter om vader het verbod voor onbepaalde tijd op te leggen. Daarbij weegt voor de rechtbank ook mee dat zij op enig moment de leeftijd zal bereiken waarop zij wel in staat is om hierover zelf gedachten te vormen en – vooral – weet zou kunnen gaan hebben van reacties van anderen op van haar geplaatste beelden. Op een dergelijk moment zou er voor haar mogelijk wél een (positief) belang kunnen zijn bij het plaatsen van beelden van haar op sociale media door haar ouders. Dat alles afwegende maakt dat de rechtbank bepaalt dat de beslissing geldt tot de dochter vijf jaar oud wordt. Het staat de ouders uiteraard vrij in de tussentijd samen afspraken te maken over het gebruik van social media en de rechtbank spreekt de hoop uit dat zij hiertoe binnen die periode ook in staat zullen zijn. De rechtbank gaat er vanuit dat de vader zal meewerken aan de voormelde beslissing. Daarnaast oordeelt zij dat het opleggen van een dwangsom aan de vader de verhoudingen tussen de ouders nodeloos verder onder druk zet. De rechtbank acht dat niet in het belang van de dochter en haar ouders.

 

Een bijzondere uitspraak van de rechtbank, maar vanwege de digitalisering waarschijnlijk niet de laatste uitspraak op dit gebied. Het is van belang dat u samen als ouders blijft communiceren en zaken blijft afstemmen. Zo ook het plaatsen van foto’s op internet. De een is hier veel makkelijker in, dan de ander. Probeer hier onderling afspraken over te maken. Lukt dit niet, dat zou het raadzaam kunnen zijn om contact op te nemen met een van onze mediators die zal proberen om samen met jullie de kwestie in goede banen te leiden.

[pexcirclecta pex_attr_small_title=”Heb je vragen?” pex_attr_title=”Neem contact met ons op! Wij staat voor je klaar.” pex_attr_button_text=”contact” pex_attr_button_link=”/contact” pex_attr_button_link_open=”same” pex_attr_button_color=”AE3537″][/pexcirclecta]