Een zorgregeling vaststellen of nakomen tijdens de corona-crisis

Hoe ga je nu om – tijdens de corona-crisis – met alle onzekerheden die er zijn om met de wisseling van kinderen tussen hun ouders?

Welke aspecten spelen mee?
Sinds het ontstaan van de corona pandemie zijn er verschillende ouders die discussie hebben over de vraag of het starten of voortzetten van een zorgregeling over hun kinderen verantwoord is zolang de corona-crisis aan de orde is.

Verder kan een discussiepunt zijn of er fysiek contact mag zijn tussen ouders en kinderen zolang de kinderen wisselen tussen de ouders en de corona-crisis aan de orde is.

Daarnaast is ook regelmatig een verschil van mening over de vraag of kinderen naar school en of buiten schoolse opvang/kinderdagverblijf zouden kunnen.

Hieronder leg ik uit welke aspecten van belang zijn om te bepalen wat wel of niet afdwingbaar is volgens de richtlijnen van de overheid en de uitspraken van rechters.

Voorbeelden
Het hof Arnhem Leeuwarden heeft in een zaak over een meisje van vier jaar het volgende bepaald. De twee ouders hadden beiden het ouderlijk gezag. Het meisje woonde voornamelijk bij moeder en met haar vader bestond een begeleide omgangsregeling. De rechtbank had bepaald dat een onbegeleide omgangsregeling zou ingaan met ingang van 1 juni 2020. Moeder was in hoger beroep gegaan. Ze stelde dat de begeleide omgang niet kon plaatsvinden ten gevolge van de corona-crisis en de getroffen maatregelen waardoor het einddoel (de onbegeleide omgang) ook niet haalbaar zou zijn. Daarom kon de omgangsregeling in haar opinie maar beter stoppen. Het hof dacht er anders over.

Een ander discussiepunt was aan de orde in een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Daar stond ter discussie of vader zijn anderhalf jarige zoontje mocht knuffelen tijdens de contactmomenten. De rechter bepaalde dat dit mocht.

Ook is er een uitspraak van de rechtbank Den Haag waarbij de kinderen in een co-ouderschap wekelijks wisselden tussen hun ouders. De vader was hartpatiënt en behoorde tot de risicogroepen. Hij zat zelf thuis in quarantaine. Hij stelde dat de kinderen ook bij hem thuis in quarantaine dienden te blijven. Een van de kinderen had zelf astma en behoorde naar de mening van de vader ook tot een risicogroep.

De overwegingen van de rechters
Het hof vond het belang van contact tussen vader en kind groter dan het belang van moeder bij een schorsing van de bestaande regeling. Wel werd er ruimte gegeven om de zorgregeling aan te passen aan de situatie en richtlijnen tijdens de corona-crisis.

De rechter in het tweede voorbeeld overwoog dat fysiek contact tussen ouders en kinderen in overeenstemming is met de bestaande richtlijn van het RIVM. Zolang de betreffende ouders geen corona achtige-ziekteverschijnselen hebben, wordt het risico op besmetting van de andere ouder beperkt geacht.

In het derde voorbeeld oordeelde de rechter dat het niet aan één van de ouders is om eenzijdig de zorgregeling aan te passen. Hoewel er begrip is voor de zorgen van de kwetsbare ouderen achtte de rechtbank geen bezwaren aanwezig tegen het voortzetten van de bestaande zorgregeling. Uiteraard dienen ook hier de richtlijnen van de het RIVM gevolgd worden. De kinderen moeten kunnen buitenspelen, naar school kunnen en contact kunnen hebben met beide ouders zolang beide ouders geen corona-klachten hebben.

Het RIVM adviseert voor kinderen met onderliggende medische aandoeningen zoals astma de gewone maatregelen te hanteren. Bij twijfel kan het verstandig zijn met de behandelend arts(en) te overleggen.

Wat is de rode lijn in de uitspraken van rechters?
Uitgangspunt is dat contact tussen kinderen en hun beide ouders dient plaats te vinden. Een ander uitgangspunt is dat het leven van kinderen zoveel mogelijk door dient te gaan. Dus ook buitenspelen, naar school, et cetera. De kinderen dienen contact te kunnen hebben met beide ouders en met hen te kunnen knuffelen. Als ouders corona-klachten hebben, dienen ze thuis te blijven en tijdelijk de zorgregeling stil te zetten tot alle betrokkenen weer gezond zijn.

Do’s

·      Besef dat contact tussen kinderen en beide ouders van groot belang is.

·      Volg de richtlijnen van het RIVM en de corona van de overheid.

·      Ga respectvol het gesprek aan als ouders met elkaar en zet daarbij de belangen van de kinderen centraal.

Don’t

·      Beslissingen nemen vanuit angst.

Dit is deel 12 (het laatste deel) uit deze serie, link naar het vorige blog in de serie

———————————————————————————————————————————————————

Over de auteur:

Wampie van Arkel is een ervaren (overlegscheidings)advocaat, mediator en ondernemer.

Haar praktijk Van Arkel Familierecht heeft een vestiging in Rotterdam en in Hendrik-Ido-Ambacht.

Momenteel is zij voorzitter van de Vereniging van Collaborative Professionals; de multidisciplinaire vereniging van advocaten, financieel deskundigen psychologen en pedagogen. In teamverband brengen zij complexe scheidingen tot een duurzame regeling zonder naar de rechter te gaan.

Wampie van Arkel is ervaringsdeskundige. Zij is in de vorige crisistijd (2009) gescheiden en heeft daar de nodige uitdagingen bij ervaren, zowel als mens als als ondernemer. Bij deze scheiding zat ook haar/hun bedrijf als het ware ‘aan tafel’. In 2012 is zij opnieuw getrouwd met iemand die ook in de crisistijd was gescheiden. Dat gaf een gevoel van herkenning, maar het zorgde ook voor diverse hobbels bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden. Bij die besprekingen schoven opnieuw twee bedrijven aan bij de onderhandeltafel.

Deze ervaringen en alles wat ze daarvan heb geleerd heeft, heeft zij verwerkt in deze blogserie.