Kinder- en partneralimentatie zijn meestal onderdeel van een echtscheidingsregeling. De hoogte van de getroffen alimentatieregelingen kan echter worden gewijzigd indien de omstandigheden nadien zodanig wijzigen, dat het oorspronkelijk overeengekomen bedrag niet meer voldoet aan de wettelijke maatstaven.

 

Vanzelfsprekend kan je, indien dit mogelijk is, in onderling overleg de regeling wijzigen. Dit wordt vaak als prettig ervaren door beide partners. Het nodigt uit tot openheid en eerlijkheid.

 

Maar stel dat je opeens geen alimentatie meer ontvangt, wat dan? In dat geval kan je, zowel voor inning van kinder- als partneralimentatie, het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) inschakelen. Dit kan al na één maand dat je de alimentatie niet ontvangen hebt. De kosten van deze procedure komen voor rekening van de alimentatieplichtige. Er is echter één “catch”: om het LBIO in te schakelen heb je een beschikking van de rechtbank nodig.

 

Uiteraard heb je een echtscheidingsbeschikking waarvan de alimentatieregeling ook deel uitmaakt. Echter in het geval dat de hoogte van de alimentatie nadien gewijzigd is, komt dit niet meer overeen met de regeling die deel uit maakt van de beschikking. Dit kan zowel voor de alimentatieplichtige als gerechtigde niet goed uitpakken.

 

Het is ontzettend fijn als een regeling in onderling overleg aangepast kan worden en niemand wil eraan denken dat de betaling van de alimentatie van het een op andere moment opeens uit kan blijven. Blijf echter wel realistisch, verstandhoudingen kunnen nou eenmaal in de toekomst veranderen. Het kan dus verstandig zijn om, met het bovenstaande in je achterhoofd, de nieuwe alimentatieregeling vast te laten leggen in vaststellingsoverkomst. Een gespecialiseerde mediator of familierecht advocaat kan hierbij helpen. Vervolgens kan men de rechtbank verzoeken om deze overeenkomst op te nemen in een te geven beschikking. Op deze manier weten beiden partijen waar zij aan toe zijn en dit brengt zekerheid met zich mee, waar iedereen beter van wordt.